2018
volgens de voorzitters

Als voorzitter van de Raad van Bestuur bepaalt en bewaakt Jeroen Muller de koers van Arkin, samen met Dick Veluwenkamp en Cécile Gijsbers van Wijk. Die koers omvat alle facetten van de organisatie. Van randvoorwaarden scheppen om goede zorg te leveren tot onderzoek, huisvesting en natuurlijk een gezond werkklimaat voor de 3700 werknemers. Werkzaamheden die zich vaak afspelen aan vergadertafels. Dat geldt eveneens voor de Raad van Toezicht en haar voorzitter: Jolande Sap.


In die veelheid van vergaderen, monitoren en ontwikkelen, aan beide voorzitters de vraag: hoe kijk je terug op 2018? Wat blijft je bij of heeft je geraakt?

Jeroen Muller:

"Wat mij inspireert zijn de verhalen van onze behandelaars over hun cliënten. Verhalen over cliënten die in het verleden zo beschadigd zijn, dat ze zelf het gevoel hebben gekregen dat ze niets meer waard zijn. Behandelaren die er voor hen zijn, onvoorwaardelijk, maar uitgedaagd worden door hun cliënten die zich niet voor kunnen stellen dat er iemand is die hun angst, verdriet en boosheid kan verdragen. Als ik dan hoor hoe langzaam een veilige relatie tot stand komt en hoe verwarrend dat voor een cliënt kan zijn, zie ik hoe mooi ons werk is. En als een cliënt dan zes jaar na de therapie aan haar behandelaar vertelt dat het goed gaat, maar dat het ook nog steeds een beetje eng is. En dat zij dankbaar is en dat ook zegt. Daar doe ik het voor. Vol trots op mijn collega’s die elke dag klaar staan om kwetsbare mensen te helpen.”

Jolande Sap:

“2018 was voor mij het jaar waarin Arkin met succes de strijd is aangegaan tegen de almaar oplopende regeldruk. In een indringend gesprek met het ministerie en de zorgverzekeraars om te laten zien dat het zo niet meer kan en ruimte te bedingen voor de experimenten in Amsterdam-West. De mensen die eraan meedoen, vertelden me dat het werk er leuker op wordt en ze meer tijd voor cliënten hebben. Een prachtig resultaat dat we hopelijk snel binnen heel Arkin kunnen invoeren. En wat ik zo mooi vind aan Arkin, we doen dit niet alleen voor onszelf, voor onze cliënten en medewerkers. We zorgen dat landelijke partijen goed meekijken zodat straks de hele GGZ daar beter van wordt.”